‘Ik had de zorg al bijna vaarwel gezegd. Ik was cynisch en negatief geworden, en zo wil ik helemaal niet zijn.’ Na twaalf jaar in de thuiszorg liep verpleegkundige Patricia Jaspers tegen grenzen aan. ‘Steeds meer die tijdsdruk. Ik was ook erg veel tijd kwijt aan papierwerk. De mensen die ik verzorgde, voelden dat ook. Dan merkte ik gewoon dat ze bepaalde dingen maar niet meer aan me vroegen.’ Een vriendin wees Patricia op een advertentie over werken in de Herbergier. ‘En zo is het gekomen.
Ik werk nu anderhalf jaar in Velp en nòg ben ik niet helemaal omgeschakeld. Ik bedoel, ik was heel erg gewend dat iets voor een bepaalde tijd gedaan moest zijn. De mensen uit bed, allemaal tegelijk aan het ontbijt. Maar waarom eigenlijk? Zo gaan die dingen niet, in de Herbergier. In het begin kwam dat best als een beetje chaotisch op me over. Tot je je realiseert: iedere bewoner heeft een eigen tempo. Dat is belangrijker dan mijn dagschema, want dat schema heb ik mogen loslaten. Als je uit een omgeving komt waar efficiency zo’n belangrijke rol speelt, dan is dat echt een ontwenningsproces.’ En nu? Nu zit Patricia thuis. ‘Nee, niet omdat ik alsnog opgebrand ben. Ik ben zwanger! “Doe maar rustig aan, hoor”, zeiden ze hier. Dat was in de thuiszorg echt wel anders geweest. Nu heb ik gewoon nog tot ver in mijn zwangerschap lekker ontspannen kunnen meewerken. En daardoor kon ik nog mooi het eeuwfeest van mevrouw Pathuis meevieren.’