Een thuis dat rust brengt: over mantelzorg, loslaten en weer ruimte voor echte momenten

Handen - Herbergier Schoonhoven
Zorg & Welzijn

De ondersteuning van een ouder met dementie sluipt vaak langzaam het leven binnen. Wat begint met kleine zorgen en praktische hulp, groeit ongemerkt uit tot een voortdurende verantwoordelijkheid. Voor Wilfried en Jacqueline, en voor Annemieke en haar familie, was dat niet anders. Hun verhalen laten zien hoe intens mantelzorg kan zijn en hoe groot het verschil kan zijn wanneer een ouder terechtkomt op een plek waar persoonlijke aandacht, betrokkenheid en menselijkheid samenkomen. Inmiddels wonen de moeders van beide families in Herbergier Etten-Leur.

Bij Wilfried en Jacqueline begon het dementieproces van hun moeder Carolien na het overlijden van hun vader in 2019. Hun moeder had hem jarenlang intensief ondersteund. Niet alleen praktisch, maar ook emotioneel. Haar leven draaide om haar man, die langzaam steeds meer hulp nodig had. Uiteindelijk werd ook thuiszorg ingeschakeld. Ondanks de zwaarte van die periode leek ze na zijn overlijden de draad weer op te pakken. Ze bleef zelfstandig wonen en hield het huishouden draaiende.

Maar met het wegvallen van haar man viel ook de structuur van haar dagen weg. Waar er eerst meerdere zorgmomenten en contacten waren, werd het plots stil. Van drie keer per dag thuiszorg naar niemand meer over de vloer. De dagen werden leger en haar wereld kleiner. ‘Je hoorde haar steeds vaker hetzelfde verhaal vertellen,’ vertelt Wilfried. ‘En naarmate de tijd vorderde, vergat ze steeds meer.’ De telefoontjes namen toe, soms vijf tot tien keer per avond, vaak met precies dezelfde vraag. Als ze mij niet te pakken kreeg, dan belde ze Jacqueline.  ‘Je wil er voor haar zijn,’ zegt hij, ‘maar je kunt niet altijd langsgaan. Dat schuldgevoel is zwaar.’

Ook Annemieke herkent dat gevoel. Haar moeder Ria woonde zelfstandig, maar achter de voordeur ging het steeds minder goed. De koelkast vertelde een ander verhaal dan haar woorden, de hygiëne verslechterde en overzicht ontbrak. Toch bleef haar moeder trots en terughoudend tegenover hulp. ‘Ze stond er eerst niet voor open,’ zegt Annemieke. ‘Het is confronterend om toe te geven dat sommige dingen niet meer lukken.’

Mantelzorg die alles overneemt

Wat beide families gemeen hebben, is dat de ondersteuning van hun dierbare steeds meer hun leven ging bepalen. Het zorgen bleef niet beperkt tot vaste bezoeken; het werd iets dat altijd aanwezig was. De gedachten eraan stopten niet na een bezoek of telefoontje, maar gingen mee naar huis, naar het werk en naar de avonduren.

Vaak ging het om kleine dingen. Een lamp die het niet deed. Een knop die verkeerd was ingedrukt. Iets wat kwijt was geraakt. Voor Wilfried voelde het soms als iets wat best tot de volgende dag kon wachten. Zeker als hij net op bezoek was geweest. Voor zijn moeder voelde het als een probleem dat nú opgelost moest worden. ‘En dan ben jij degene die moet zeggen: het kan morgen. Dat doet pijn.’ 

De bezoeken werden steeds meer beladen. ‘Als wij weggingen, nadat we er uren waren geweest, was ze intens verdrietig,’ vertelt Jacqueline. ‘Dan besef je: ons bezoek is haar hoogtepunt, maar wij kunnen er niet altijd zijn.’ 

Bij Annemiekes moeder speelde de coronaperiode een grote en impactvolle rol. ‘De eenzaamheid was enorm,’ vertelt ze. ‘Dat heeft haar situatie helaas aan maar verslechterd. De isolatie versnelde het dementieproces, waardoor de zorgen in korte tijd groter werden.’

Uiteindelijk trokken beide families aan de bel bij professionals. Casemanagers en artsen werden betrokken, er vonden gesprekken plaats en indicaties werden aangevraagd. Dat traject was confronterend, maar bood ook richting. 

Wanneer veiligheid een rol gaat spelen

Er kwamen momenten waarop de zorgen concreter werden. Wilfried zag pannen met aangebrande resten op het fornuis. Het brandalarm ging meerdere keren af. ‘Dan ga je jezelf afvragen: wanneer gaat het écht fout?’ Het besef groeide dat het niet langer alleen ging om kwaliteit van leven, maar ook om veiligheid.

De vraag voor een passende oplossing hing steeds vaker in de lucht. Uitstellen voelde niet langer als een plicht, maar als risico nemen.

De zoektocht naar een passende plek

Voor Wilfried en Jacqueline was het belangrijk dat hun moeder niet alleen zorg zou krijgen, maar zich ook gezien en veilig zou voelen. De Herbergier kwam ter sprake via de casemanager. De kleinschaligheid, de huiselijke sfeer en het vaste team spraken hen direct aan. Geen grote instelling, maar een plek waar het leven zoveel mogelijk doorgaat zoals thuis.

Annemieke kwam via familie in aanraking met de Herbergier. Ze ging al eerder samen met haar moeder kijken bij Herbergier Etten-Leur. ‘Ze vond het een mooie plek,’ vertelt ze, ‘maar destijds voldeed ze nog niet aan de criteria.’ Toch bleef de Herbergier in hun gedachten.

Toen er uiteindelijk een plek vrijkwam, viel alles samen. Bij Wilfried en Jacqueline ging dat gepaard met weerstand van hun moeder. Ze wilde in eerste instantie niet verhuizen en probeerde meerdere keren weg te lopen. ‘Dat was heel moeilijk,’ zegt Wilfried. ‘Maar we wisten ook: thuis ging het niet meer. En uitstellen zou het alleen maar zwaarder maken.’

Eén lijn trekken

Wat hen door die periode hielp, was eensgezindheid binnen de familie. ‘Als familie één lijn trekken is cruciaal,’ benadrukken Wilfried en Jacqueline. ‘Juist wanneer de emoties hoog oplopen.’ Het besluit moest gezamenlijk gedragen worden, hoe moeilijk ook.

De verhuizing was intens. Hun moeder zei herhaaldelijk dat ze naar huis wilde. Het vroeg veel energie, geduld en doorzettingsvermogen. ‘Na verloop van tijd raak je ook uitgeput,’ vertelt Wilfried eerlijk. ‘Niet omdat je niet meer wilt, maar omdat je niet meer kúnt.’

'Langzaam maar zeker veranderde er iets de volgende dag. Haar kamer vulde zich steeds verder met vertrouwde spullen. Wandkleden die zij zelf had gemaakt kregen een plek aan de muur. Stukken van haar eigen leven, creativiteit en geschiedenis. Tijdens de verhuisdag zei ze: ‘Nu ben ik thuis.’ Dat ene zinnetje veranderde alles en voelde voor ons als familie als een grote opluchting.'



Bij Annemieke verliep de overgang rustiger. Haar moeder was meteen enthousiast toen ze haar kamer zag. Samen richtten ze die in met persoonlijke foto’s en spullen. ‘Toen ze dolblij – omringd door andere bewoners - in het zonnetje zat en zei: ‘Ik heb hier al allerlei vriendinnen gemaakt’, voelde dat als een enorme bevestiging van het maken van de juiste beslissing. Dat vonden we prachtig om te zien en gaf veel rust.’


Loslaten en opnieuw vertrouwen

Na de verhuizing begon een nieuw proces: loslaten. Voor Wilfried voelde dat als afkicken. Jarenlang had hij continu klaar gestaan. ‘Je moet echt leren dat je niet meer overal verantwoordelijk voor bent.’ Dat loslaten ging niet vanzelf, maar het vertrouwen groeide snel.

Het contact met de medewerkers speelde daarin een grote rol. ‘Je leert ze kennen en spreekt ze allemaal regelmatig. Dan voel je: ik kan mijn zorg hier kwijt.’ Dat vertrouwen werd bevestigd door kleine ervaringen.

Eén daarvan was een foto via Familienet, op de eerste avond na de verhuizing. Hun moeder werd door een begeleidster naar haar kamer gebracht, met een brede glimlach. ‘Dat bevestigde voor ons: we hebben het goed gedaan,’ zegt Wilfried. 

Ook Annemieke ervaart dat vertrouwen. ‘Je legt de verantwoordelijkheid in de handen van professionals en weet: deze mensen bieden persoonlijke zorg met aandacht en respect.’ Dat gaf ruimte voor een andere band met haar moeder: meer rust en meer échte momenten samen.

Zichtbare verandering

Beide families zien duidelijke veranderingen sinds hun moeders in de Herbergier wonen. Ze ogen rustiger, krijgen goed te eten en zijn meer onder de mensen. Het sociale aspect binnen de Herbergier speelt een positieve rol. Wilfried merkt dat zijn moeder veel minder belt. ‘Ze is gedurende de dag bezig, drinkt thee met andere bewoners en doet mee aan activiteiten. Ze hoort er echt bij.’

Wat hem misschien wel het meest raakt, is dat hij haar weer oprecht blij ziet. ‘Als ik wegga, gaat mijn moeder ook gewoon verder. Dat heb ik jaren niet gezien.’ Het afscheid is niet langer beladen; er is vertrouwen dat het goed is.

Annemieke ziet haar moeder vooral opbloeien bij muzikale activiteiten. Oude liedjes zingen, meeklappen, samen genieten. ‘Dan zie je haar echt ontspannen.’

Natuurlijk zijn er ook mindere dagen. Dementie blijft een progressieve ziekte. Maar de basis is goed. En dat maakt alles draaglijker, voor de bewoners én voor hun families.

Kleine momenten die alles zeggen

Wat beide families benadrukken, is dat het uiteindelijk niet alleen de grotere gebeurtenissen zijn die het verschil voelbaar maken, maar juist de kleine momenten die van grote waarde zijn.

Voor Wilfried en Jacqueline zijn het herinneringen die veel vreugde brengen. Het tienjarig bestaan van Herbergier Etten-Leur, waar samen met familie werd gebarbecued. Kerstavond, waarop ze samen bij hun moeder waren. ‘Dan geniet ze zichtbaar,’ vertelt Jacqueline. ‘Met een grote glimlach van oor tot oor.’

Ook de gewone, dagelijkse dingen zijn heel waardevol. Samen zittend op een bankje in de zon, met een kopje thee. ‘Als mijn moeder dan tegen me aan komt zitten en even knuffelt,’ zegt Wilfried, ‘dan voel ik het: het gaat goed.’



Annemieke herkent dat gevoel. Wat haar het meest opvalt, is de manier waarop de medewerkers met haar moeder omgaan. ‘Altijd lief en positief. Je ziet hoe ze haar benaderen. Dat maakt zó’n verschil.’ Of haar moeder wel of niet haar jas aantrekt, of mee wil naar het toilet, hangt vaak af van toon en tempo. ‘Medewerkers zijn rustig, niet dwingend. Die benadering werkt enorm positief.’

Dat vertrouwen geeft rust. ‘Het is al zo’n moeilijk proces,’ zegt Annemieke. ‘Als je je dan ook nog druk moet maken over hoe er praktisch voor haar gezorgd wordt, wordt het bijna niet te dragen. Nu leggen we de ondersteuning met het volste vertrouwen in hun handen. Ik kan weer dochter in plaats van mantelzorger zijn. Dat is heel veel waard.’

Wat daarnaast bijzonder is, is het contact met andere families. Tijdens thema-avonden, gezamenlijke activiteiten of gewoon in de huiskamer. ‘Je spreekt ervaringsdeskundigen die hetzelfde meemaken,’ zegt Annemieke. ‘Dat schept verbinding en herkenning.’

Ze vervolgt lachend: ‘En soms zit het geluk in iets heel kleins. Als ik binnenloop in de Herbergier en een bewoonster vraagt: ‘Ben je er weer?’ Ook met hen bouw je een band op. Of de opmerking van een andere bewoonster, elke keer opnieuw: ‘Wat een prachtige mantel heb je aan.’ Dat geeft echt een gevoel van vreugde.’

Een nieuwe balans

De Herbergier bracht niet alleen rust voor de bewoners, maar ook voor de families. De zorg is gedeeld, de verantwoordelijkheid lichter. Er is ruimte ontstaan voor gewoon samenzijn: een wandeling, een kop koffie, een gesprek zonder haast.

Het advies van Annemieke, Jacqueline en Wilfried aan andere families is helder en komt voort uit eigen ervaring. Begin op tijd. Ga in gesprek met je naaste over de mogelijkheden. Regel indicaties voordat het écht moet. Ga samen kijken bij de mogelijk nieuwe woonplek, voel de sfeer en omgeving, stel vragen en durf te handelen als je weet dat het nodig is. ‘Het maken van zo’n ingrijpende beslissing is korte pijn,’ zegt Wilfried, ‘maar uiteindelijk zoveel winst.’ Hij vervolgt: ‘En misschien wel het belangrijkste: kijk naar het welzijn van je naaste, niet alleen naar je eigen gevoelens.’

‘Als je ziet dat je dierbare zich veilig voelt en geniet,’ zegt Annemieke, ‘dan weet je dat het klopt. We zijn enorm dankbaar voor deze plek.’ 

Ben je op zoek naar een woonplek voor jouw naaste met dementie? Bekijk dan: https://www.herbergier.nl/locaties 

Delen: